<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0">
<channel><generator>iloblog 1.0</generator><title>Nikki leest... Feed</title><link>http://nikki.boektiek.be/</link><description>&lt;p&gt;Een verzameling van passages uit de boeken die ik lees. Telkens gerangschikt per boek en per thema. Dit om te verkomen dat ik ze - bijzonder als ze zijn - vergeet. &lt;/p&gt;</description><item><title>Huid en haar </title><link>http://iloapp.boektiek.be/blog/nikki?Home&amp;post=1</link><description><![CDATA[    
  Huid en haar", de nieuwste roman van Arnon Grunberg, gaat over zweepjes, knuffelberen, de Amerikaanse president Barack Obama, de Holocaust, satelliettelefonen en over   de liefde. In het bijzonder over of en hoe die liefde past in de huidige economie. Voor het hoofdpersonage van de roman Roland Oberstein, een van de veertig meest vooraanstaande Smith-deskundigen op deze wereld ,  is liefde slechts tijdverlies. Liefde leidt hem af zijn doel: zijn studie over de geschiedenis van de economische luchtbel. Toch laat hij iets van wat op liefde lijkt toe in zijn leven. Hij houdt de verplichte relaties in stand (met zijn zoon, zijn moeder en zijn ex) en begint er nieuwe (de handtasontwerpster Violet, zijn studente Gwenny en de Amerikaanse Lea). Dit met vreemde en dramatische situaties als gevolg. "Huid en haar" is een schitterend boek: Grunberg ten top! 
  113.   Economie was geen vlucht, economie was een confrontatie met de werkelijkheid, iets wat van het meeste gezinsleven niet kon worden gezegd. Daar dekte men elkaar toe, daar werden slaapliedjes gezongen en sprookjes voorgelezen, daar werden pannenkoeken gebakken. Maar ergens was het knagen die avond al begonnen. Hoezeer hij zich ook voorhield dat een mens voor zijn eigen leven en zijn eigen ambities moet kiezen en dat van niemand mag worden verwacht dat hij die ambities opoffert voor zijn ouders of zijn kinderen, hij had de sensatie van het tekortschieten gevoeld.   
   201. Roland houdt van afstand en als er wat hem betreft niet genoeg afstand is, dan creëert hij die. Het maakt hem nauwelijks uit tot wat, als er maar afstand is, afstand is zijn passie.   
   219. Ik kom altijd te laat omdat ik me onbewust niet wil binden. Denk ik. Het is misschien een rare theorie. Maar niemand heeft me nog van het tegendeel kunnen overtuigen.   
   240. Mensen kosten tijd. Hoe kan hij hun dat duidelijk maken zonder onbeleefd te zijn. Jullie zijn lief en aardig, maar jullie kosten me te veel tijd. Zo kun je het niet zeggen. En toch is het geen pure beleefdheid dat hij aan de hand van Lea in de richting van het Riverside Park wandelt.   
 ]]></description><pubDate>Mon, 30 Jan 2012 10:10:16 +0100</pubDate><category>Arnon Grunberg</category></item><item><title>De kaart en het gebied</title><link>http://iloapp.boektiek.be/blog/nikki?Home&amp;post=0</link><description><![CDATA[    In "De kaart en het gebied" neemt Houellebecq de kapitalistische maatschappij en de moderniteit op de korrel. In zijn reflecties betrekt hij hierbij de natuur (in het bijzonder de vegetatie), de dood en de kunst. Dit levert bijzondere passages op: 
 207.  Dat is kortom de positie die wij als kunstenaars innemen: wij zijn de laatste vertegenwoordigers van het handwerk, waaraan de commerciële productie een fatale klap heeft toegebracht.    
 254.  Eigenlijk, als hij erover nadacht, verfoeide hij de bescheiden, moderne tendens om je te laten cremeren en de as te laten uitstrooien in de vrije natuur, als het ware om te benadrukken dat je terugkeerde in haar schoot, dat je je weer met de elementen vermengde. De mens maakte geen deel uit van de natuur, hij had zich boven de natuur verheven. En hoe meer hij nadacht, hoe goddelozer hij het vond, ook al geloofde hij niet in God, hoe antropologisch goddelozer hij het in zekere zin vond om de as van een mens te verstrooien in weiden, rivieren of de zee ...  
 277.  Het koepeldak van het Institut de France had echt een zekere charme, moest hij erkennen, een beetje tegen zijn zin. Natuurlijk viel het op geen enkele manier te rechtvaardigen om een gebouw een ronde vorm te geven; vanuit doelmatigheidsoogpunt was dat domweg weggegooide ruimte. Misschien was de moderniteit wel een vergissing, dacht Jed voor het eerst van zijn leven.   
 294.  De handelswaarde van lijden en dood was groter geworden dan die van genot en seks, dacht Jed, en dat verklaarde waarschijnlijk ook waarom Jeff Koons een paar jaar tevoren Damien Hirst van de eerste plaats op de mondiale kunstmarkt was verdrongen.   Doorheen het boek, lees je hoe Houellebecq telkens weer het 'verachtelijke' industriële en moderne overwoekert met de vegetatie/de natuur:  
 337.  Met dat programma kon hij die lange, bedwelmende sequenties maken waarin het lijkt of de industriële voorwerpen langzaam verdrinken, geleidelijk overspoeld door steeds meer plantaardige lagen. Soms heb je de indruk dat ze zich verzetten, dat ze weer aan de oppervlakte proberen te komen; vervolgens worden ze meegesleurd door een golf van gras en bladeren en gaan ze weer onder in het plantaardige magma, terwijl achter hun uiteenvallende omhulsel de microprocessoren, batterijen en geheugenkaarten zichtbaar worden.   
 339.  Het werk dat de laatste levensjaren van Jed Martin in beslag nam kan zodoende worden gelezen - dat is de meest voor de hand liggende interpretatie - als een nostalgische bespiegeling over het eind van het industriële tijdperk in Europa, en meer in het algemeen over de vergankelijke, voorbijgaande aard van alle menselijke bedrijvigheid. De interpretatie kan evenwel niet het onbehagen verklaren dat ons bevangt bij het zien van die aandoenlijke Playmobil-poppetjes, verdwaald in een abstracte, onmetelijke futuristische stad die zelf verbrokkelt en vergaat, tot hij geleidelijk uiteen lijkt te vallen in de plantaardige onmetelijkheid, die zich uitstrekt zover het oog reikt. En evenmin hetgevoel van diepe verlatenheid dat zich van ons meester maakt wanneer we de afbeeldingen van de mensen die Jed Martin op zijn aardse pad hadden vergezeld, zien verweren, verrotten en aan flarden gaan, waarbij ze zich in de laatste video's lijken te willen opwerpen tot symbool van de algehele vernietiging van de menselijke soort. Ze zinken weg, lijken nog even tegen te stribbelen, en worden dan gesmoord door de over elkaar schuivende plantenlagen. Daarna komt alles tot rust, er is alleen nog gras dat wuift in de wind. De triomf van de vegetatie is volledig.   
 Doch er is iets dat lijkt op hoop: de rust en schoonheid van de natuur (bijvoorbeeld het plattelandsleven in Frankrijk), culinaire geneugten (de beschreven Franse gerechten) en de vriendschap en het gezelschap van een huisdier (de twee honden in het boek: de Bichon en de hond van Houellebecq) brengen soelaas en kunnen de mens in een zekere staat van rust brengen.  
 "De kaart en het gebied" is een verrassend boek waarmee Houellebecq in 2010 naar mijn mening terecht de prestigieuze Prix Goncourt won.  
 ]]></description><pubDate>Sat, 07 Jan 2012 10:51:26 +0100</pubDate><category>Michel Houellebecq</category></item></channel>
</rss>
